maandag 12 januari 2015

Muzisch evalueren



Dag iedereeen!
Hieronder kan je 10 methodieken vinden die gebruikt kunnen worden om muzisch te evalueren. Hopelijk zit er ook voor jou iets bruikbaars tussen.
Veel plezier er mee!

Persoonlijk muzoboek


Evaluatie: Proces, beleving en product.
 


Methodiek:


Bij de start van het schooljaar krijgen de leerlingen elk een boekje. Ze mogen de buitenkant aankleden naar keuze. Tijdens de muzolessen kunnen de leerlingen hierin gevoelens noteren, werkjes tentoonstellen en hun ideeën weergeven. Leerlingen die dit willen mogen hun boekje laten zijn aan de juf of meester.
 


Materiaal: Muzoboekje per kind
 


Doelgroep: Kan gebruikt worden vanaf het tweede leerjaar.


Motivatie: Hierin kunnen de leerlingen in alle vrijheid zichzelf evalueren. Er zijn geen beperkingen en kinderen kunnen een expressievorm gebruiken die ze zelf verkiezen.
 


Smileywaaier


Evaluatie: Kan gebruikt worden voor product en proces, maar persoonlijk zou ik dit vooral naar beleving toe inzetten.


 
Methodiek: 
Iedere leerling krijgt een waaier met smiley’s. De leerkracht stelt enkele vragen in verband met de opdracht en de kinderen beantwoorden deze met een smiley die bij hun gevoel past. Nadien wordt besproken waarom er voor bepaalde smiley’s gekozen werd.

Smiley-waaier

 
Materiaal: Waaier met smiley’s per leerling.


 
Doelgroep: Eerste, tweede en derde graad. Smiley’s kunnen aangepast worden aan de leeftijd.




Motivatie: Deze smiley's zijn zeer bruikbaar voor kinderen die hun gevoel niet goed kunnen uitdrukken. De gezichten geven het gevoel van de leerling weer zonder dat ze zich verbaal moeten uitdrukken. (Verbale uitdrukking kan een belemmering zijn voor die kinderen die zich willen uiten.)
Wasspelden-jive


Evaluatie: Proces en beleving.


 
Wasspelden-jive
Methodiek:


Elke leerling krijgt een wasspeld opgespeld. Gedurende de activiteit mogen de kinderen deze wasspeld steeds verplaatsen. Hoe hoger de wasspeld zich op hun lichaam bevindt, hoe beter ze de activiteit beleven of leuk vinden.


 
Materiaal: Wasspeld per leerling.


 
Doelgroep: Kan gebruikt worden in zowel eerste, tweede als derde graad.


Motivatie: Deze methodiek is zeer makkelijk om als leerkracht in één oogopslag de beleving van de kinderen te observeren.


 
Dobbelsteen


Evaluatie: Product, proces, beleving.


Dobbelsteen
 
Methodiek:


Leerlingen gooien met de dobbelsteen en beantwoorden de vraag die zichtbaar is. Je kan dit klassikaal inzetten of in kleine groepjes.


 
Materiaal: Dobbelsteen


 
Doelgroep: Vooral bruikbaar vanaf een tweede leerjaar. Bij een eerste leerjaar kan dit mogelijk zijn mits gebruik te maken van symbolen i.p.v. vragen.


Motivatie: Deze dobbelsteen kan kinderen helpen met reflecteren. De doelgerichte vraagstelling zorgt dat kinderen gericht kunnen antwoorden en dieper antwoorden dan "mooi, leuk, fijn...".


 
Strandbal


Evaluatie: Product, proces, beleving

Strandbal

 
Methodiek:


Leerlingen gooien de bal naar elkaar. De vanger beantwoordt de vraag die zich bovenaan bevindt bij het vangen.


 
Materiaal: Strandbal


 
Doelgroep: Vooral bruikbaar vanaf een tweede leerjaar. Bij een eerste leerjaar kan dit mogelijk zijn mits gebruik te maken van symbolen i.p.v. vragen.


Motivatie: Hierbij kunnen de leerlingen op een speelse manier leren reflecteren. Een strandbal zorgt voor meer enthousiasme dan vragenkaartjes.


 


Pluimpjes uitdelen


Evaluatie: Proces (als je uitdeelt tijdens het werken) of product (als je achteraf pluimpjes uitdeelt)


Pluimpjes
 
Methodiek:


Leerkracht deelt pluimpjes uit aan leerlingen die dat verdienen. Wanneer je een pluimpje uitdeelt zeg je er ook bij waarom deze leerling de pluim verdiend heeft.


 
Materiaal: Verschillende pluimpjes


 
Doelgroep: Vooral bruikbaar in de lagere klassen.


Motivatie: Het gebruik van pluimpje is zeer makkelijk inzetbaar in een les. Je kan de kinderen een pluim geven om allerlei redenen en zo differentiëren tussen de kinderen. De reden voor een pluim kan je tijdens de les zelf beslissen, hiervoor is geen voorbereiding nodig.


 
Gevoelsmeter


 Evaluatie: Beleving, proces


 
Methodiek:


Leerlingen duiden op de gevoelsmeter met een wasspeld aan hoe ze zich voelen. Ze mogen de speld zoveel verplaatsen als ze zelf nodig vinden. Achteraf kan de meter ook gebruikt worden om hun eigen resultaat te beoordelen.


 
Materiaal: 1 gevoelsmeter en 1 wasspeld per leerling.


 
Doelgroep:  Makkelijk bruikbaar vanaf het eerste leerjaar dankzij de eenvoudige werkwijze.


Motivatie: Zoals bij de smileywaaier geldt ook hier het uitdrukken van emoties zonder er over te moeten spreken.



Gevoelsmeter
 

Peer-evaluatie


Evaluatie: Product.


 
Methodiek:


Bij elk werkje liggen enkele evaluatieblaadjes. De leerling die beoordeelt, kiest een smiley en schrijft daarbij waarom hij/zij voor deze smiley kiest. We maken gebruik van positieve en opbouwende commentaar.


 
Materiaal: Evaluatieblaadjes


 
Doelgroep: Bruikbaar vanaf tweede leerjaar.


Motivatie: Met deze werkvorm leren kinderen elkaar op een eerlijke manier evalueren. Wel moet dit kinderen worden aangeleerd door zeker de eerste keren telkens de feedback te bespreken en te kijken wat goede feedback is en wat niet.
Evaluatieblad

 
Vuilnis-koffer-schatkist


Evaluatie: Proces.



Methodiek:


Elke leerling krijgt een blad met daarop vuilnis, een koffer en een schatkist. De leerlingen schrijven onder het vuilnis wat ze niet gaan onthouden of belangrijk vonden, onder de koffer wat ze geleerd hebben en willen meedragen, onder de schatkist noteren ze waar ze veel belang aan hechten.


 
Materiaal: 1 evaluatieblad per leerling.


 
Doelgroep: Bruikbaar vanaf tweede leerjaar.


Motivatie: Met deze evaluatiefiche kunnen leerlingen voor zichzelf nagaan wat ze boeiend en leerrijk vonden, maar kan jij als leerkracht vooral te weten komen waarmee je de leerlingen geboeid hebt.

Evaluatieblad

 
Papieren bloem (Eigen creatie)


Evaluatie: Proces, product en beleving.


 
Methodiek:



Papieren bloem
Leerling 1 zegt een nummer, leerling 2 doet de bloem zoveel keer open en dicht. Leerling 1 kiest en kleur, leerling 2 zegt het woord dat daar achter verstopt zit. Leerling 1 vertelt iets over het woord dat achter de kleur zit. Nadien wordt er gewisseld. Je kan dit klassikaal doen of in kleinere groepen. Ook kan je de woorden achter de kleuren aanpassen aan de activiteit.




Materiaal: Papieren bloem per groep.


 
Doelgroep: Vooral bruikbaar vanaf een tweede leerjaar. Bij een eerste leerjaar kan dit mogelijk zijn mits gebruik te maken van symbolen i.p.v. vragen.


Motivatie: Ik heb dit gecreëerd omdat ik het spel zelf altijd leuk gevonden heb als ik in de lagere school zat. Ook zijn deze 'happertjes' makkelijk te maken en aanpasbaar zijn aan de activiteit die je vooropstelde tijdens de les.  


 
Inhoud van de evaluatiekoffer:


  • Muzoboek (leeg)
  • Waaier met smiley’s
  • Wasspelden
  • Dobbelsteen met vragen
  • Strandbal met vragen
  • Pluimpjes
  • Gevoelsmeter
  • Evaluatieblad (peer-evaluatie)
  • Evaluatieblad (vuilnis – koffer – schatkist )
  • Papieren bloem
  • Gebruiksaanwijzing


Bronnen:






 

Geen opmerkingen:

Een reactie posten

Opmerking: Alleen leden van deze blog kunnen een reactie posten.